C-Donor.nl

Wie wordt de biologische vader?

Je kiest weliswaar niet voor een levenspartner, maar toch kies je voor iemand waar je wel iets van in je kind terug gaat zien. Daarnaast zijn er voordat het kind er is, en ook wanneer het er al is, veel praktische zaken om rekening mee te houden.

Wat voor rol verwacht je van je donor?

Anders dan een B-donor, kan een C-donor meer zijn dan alleen maar donor. Sommige donoren willen meer dan dat, en sommige wensmoeders willen dit ook. Bedenk goed wat je van je donor wilt, of met welke wensen van donoren je akkoord kunt gaan.

De website bam-mam.nl schrijft het volgende over vormen van c-donorschap. Verwijzingen naar pagina's zijn aangepast naar pagina's op deze site.

Let wel dat de tekst spreekt over voorbeelden van wat er mogelijk is. Dit is niet uitputtend. Zo kun je, bijvoorbeeld, ook wel contact hebben als donor, maar zeker niet een vaderrol hebben, ook niet beperkt.

Welke vormen van C-donorschap zijn er mogelijk?

Omdat je bij een C-donor zelf contact hebt met de man in kwestie, kun je van alles afspreken waar jullie je allebei prettig bij voelen. Hieronder een paar voorbeelden. Het is wel verstandig om dit in een donorcontract vast te leggen. Het donorcontract heeft geen echt juridische waarde, maar geeft wel een intentie weer en ook die vindt een rechter soms van belang.

  • De donor bemoeit zich niet met de opvoeding van het kind en is in eerste instantie ook niet bekend bij het kind. Met de uitzondering dat wanneer het kind behoefte heeft aan contact, dit mogelijk is, dus ook vóór zijn zestiende.
  • Een beperkte vaderrol zonder opvoedende rol. Hierbij heeft het kind vanaf de geboorte contact met de donor. Het woont er echter niet. Ook hierin zijn natuurlijk weer verschillende opties; wel of geen regelmatig contact, en belangrijker nog wel of niet erkend door de donor. Bij deze vorm moet je ook goed nadenken over de juridische consequenties van je keuzes. Het kan zijn dat de rechter vind dat er op deze manier family life ontstaat waardoor de donor een omgangsregeling kan afdwingen. Erkenning van het kind door de donor geeft nog meer juridische consequenties. Meer hierover vind je onder het kopje ‘juridisch’.
  • Co-ouderschap; wanneer je voor een co-ouderschap kiest met bijvoorbeeld een homo-stel of een man alleen moet je goede afspraken maken. Family life is er dan per definitie en ook erkenning door de vader ligt dan meer voor de hand. Je gaat samen het kind opvoeden waarbij het kind zowel bij jou als bij de vader woont. Dit kan een 50/50 verdeling zijn maar andere verdelingen zijn ook mogelijk. Ook hierbij moet je goed nadenken over de consequenties die dit heeft op juridisch vlak maar ook op praktisch vlak. Het prettige van een co-ouderschap is dat je er niet helemaal alleen voor staat en ook af en toe tijd voor jezelf hebt. Bovendien heeft het kind wel contact met de vader zodat het zich nooit zal afvragen wie zijn vader is. Aan de andere kant betekent het ook dat je de aankomende 18 jaar, zo niet langer, aan deze man(nen) vast zit. Je zult altijd moeten overleggen over waar het kind in welke vakantie zal zijn en ook over de opvoeding zul je duidelijke afspraken moeten maken en ook concessies moeten doen.

En wat wil je verder van je donor?

Zelfs als je met de C-donor niet verder gaat dan een B-donor is het heel normaal wel eisen te stellen. En dat gaat verder dan dat het moet klikken. Verschillende donoren gaan op verschillende manieren met het donorschap om, en het moet wel bij je passen. Bam-mam.nl vertelt als volgt hoe je iemand vind die als donor goed bij je past:

Waar vind je een donor?

Er zijn een aantal manieren waarop je een C-donor kan vinden. Wellicht is er iemand in je vriendenkring die hiervoor in aanmerking komt of heb je ooit al eens een afspraak met een (oude) vriend gemaakt. In dat geval ben je snel klaar. De ervaring leert dat mannen er vaak nog eens goed over na willen denken en het vaak toch lastiger vinden als ze in eerste instantie wellicht dachten. Maar wanneer je op deze manier iemand vindt is dat natuurlijk gemakkelijk en ook prettig. Je weet tenslotte wat je aan iemand hebt.

Op internet zijn er een aantal sites [..] waar donoren zich aanbieden en wensmoeders advertenties kunnen plaatsen. [..] Op deze manier is er een groot potentieel aan mannen dat jouw donor kan worden. Echter internet blijft internet, je weet dus nooit wie er precies achter zit. Neem daarom ruim de tijd om je donor te kiezen, zijn genen zitten straks wel in jouw kind. De risico’s die je loopt bij daten via internet zijn in dit geval niet anders. Rare mannen kun je overal tegen komen en rare voorstellen dus ook. Er zijn mannen die denken dat dit misschien wel een maandelijks avondje gratis seks oplevert. Je moet ze er even uitfilteren, maar laat je er niet door afschrikken. Betrouwbare donoren zijn ook via internet wel te vinden. Desondanks is het verstandig om de eerste keer elkaar in een publieke omgeving te ontmoeten. Neem desnoods iemand anders mee. Dat is iets veiliger en bovendien heb je dan meteen iemand die mee kan denken of dit een geschikte donor zou zijn. Geef wel aan de potentiële donor in kwestie aan dat je met z’n tweeën komt.

Daarnaast moet je goed nadenken over eventuele geslachtsziekten. Bij B-donoren (via klinieken) is dit allemaal heel goed getest. Bij een C-donor is dit een risico. Veel donoren zijn bereid om zich hierop te laten testen. Het verstandigste is om te zoeken naar een donor die dit ook elk half jaar wil laten doen. Evenwel moet je toch vertrouwen op de donor, het vervalsen van uitslagen is niet ingewikkeld en je kunt het zelf nergens checken.

Vragen die je aan een donor kunt stellen:

  • Wat is je beweegreden om donor te willen zijn?
  • Wil je je laten testen op SOA’s (en ook ieder half jaar)?
  • Komen er erfelijke ziektes in je familie voor?
  • Het je al eerder aan wensmoeders/stellen gedoneerd?
  • Aan hoeveel wensmoeders/stellen ben je van plan te gaan doneren?
  • Ben je bereid voor een eventueel tweede of derde kind te doneren?
  • Hoe zie jij zelf het eventuele contact tussen jezelf en het kind?
  • Waar woon je? Waar kan gedoneerd worden? Denk er hierbij aan dat zaad ongeveer binnen een half uur ingebracht moet worden. Wanneer je er niet voor kiest om het zaad in te laten vriezen maar warm in te brengen, dan zal je dus of dicht bij elkaar moeten wonen of een plek moeten hebben waar gedoneerd en geïnsemineerd kan worden.
  • Heb je een partner en hoe staat die er tegenover?
  • Ben je bereid om je zaad op fertiliteit te laten testen? (Het moet natuurlijk niet, maar zeker wanneer je haast hebt is het vervelend om er na een jaar proberen achter te komen dat het zaad van je donor niet in orde is).
  • Wil je een donorcontract tekenen? Wat zou daar volgens jou in moeten staan. Zeker wanneer je kiest voor een donor met contact met het kind is het belangrijk om over de inhoud goed na te denken en hier lang op door te praten. Teken het contract voor je gaat insemineren, wanneer je al zwanger bent heb je weinig meer in te zetten en geef je de donor veel macht over wat er in het contract komt en wat je afspreekt.
  • En verder natuurlijk alle vragen zoals wat voor baan/opleiding hij heeft, kleur ogen, haar etc. Vaak staat dit al in de advertenties.
  • Wanneer je voor een co-ouderschap kiest, of voor een omgangsregeling met het kind, moet je hier natuurlijk ook vragen over stellen. Zorg dat dingen zo helder mogelijk zijn, dat maakt het risico op teleurstellingen kleiner, maar uit te sluiten zijn ze natuurlijk nooit.

Je zult zelf eventueel nog meer vragen kunnen bedenken. Verder zul je voor jezelf moeten bepalen hoe belangrijk je iedere vraag vindt, en wat voor antwoord je verwacht of accepteert.